Het uiteindelijke doel is om mezelf overbodig te maken

In gesprek met dagbestedingscoach Karin van den Heuvel

Vorig jaar heeft Amaliazorg extra middelen Waardigheid en Trots toegekend gekregen. Voor die extra middelen zijn dagbestedingscoaches aangenomen. Zo zijn er op 1 november 2016 vier coaches gestart. De aanpak van de dagbestedingscoaches is op elke locatie anders, omdat gewerkt wordt naar aanleiding van de behoeftes van bewoners en van de medewerkers. Karin van den Heuvel is één van de dagbestedingscoaches. Zij vertelt over haar werk bij Catharinenberg.

Karin legt eerst uit wat een dagbestedingscoach doet: “Het doel van de dagbestedingscoach is het verhogen van welzijn van de bewoners. De coach probeert collega’s, familie, mantelzorg en vrijwilligers hierin vanuit diverse invalshoeken mee te nemen. Want het welzijn van de ene bewoner is niet het welzijn van de andere bewoner. Hoe houd ik ze geprikkeld? Hoe ga ik met ze in gesprek? Het betreft vooral een ‘omdenken’ voor medewerkers. Zij moeten anders gaan werken. Zorgmensen willen immers zorgen en zijn minder gericht op welzijn. De eerste verschillen in gedrag van medewerkers, worden nu al merkbaar. Er is meer oogcontact en persoonlijk contact.”

Gezamenlijk doel
“Ik ben op één afdeling gestart met mijn werkzaamheden. In het begin heb ik de dag-structuur op de afdeling geobserveerd. Ik probeer veel op de groep aanwezig te zijn om collega’s persoonlijk te coachen, gericht op het doen van activiteiten met bewoners. Inmiddels ben ik op de tweede afdeling bezig, maar het is ook belangrijk dat de veranderingen op de eerste afdeling geborgd blijven. Want het uiteindelijke doel is om mezelf overbodig te maken, zodat mijn collega’s het zelf kunnen doen. Een van de manieren om dat voor elkaar te krijgen is het actief betrekken van collega’s. Om dat te realiseren zijn er in maart drie bijeenkomsten geweest; een voor elk team. Daarin is besproken wat we in de afgelopen maanden al hebben bereikt. We hebben ook vastgelegd waar we naar toe willen gaan. Hiervoor hebben we samen een doel gesteld. Tenslotte hebben we met elkaar besproken hoe we dat doel kunnen bereiken.”

Kaartenbak
Karin geeft handvatten om collega’s zelf activiteiten te laten organiseren: “Verzorgenden dienen activiteiten met bewoners te gaan doen en te zorgen voor een prettige dagbesteding. Het doel van de activiteiten is om verveling tegen te gaan en ervoor te zorgen dat bewoners zich vooral prettig, veilig en thuis voelen. Om dat te stimuleren heb ik kaartenbakken op de afdelingen geplaatst. Op elke kaart in de bak staat een kleine activiteit die zonder veel voorbereiding gedaan kan worden. Zo is er een kaartje waarop staat: Pak een fotoalbum uit de kamer en blader deze door met de bewoner. Ook is er een kaartje waarop een bewegingsspelletje staat: Pak een bal en gooi of rol deze over met een aantal bewoners. Op de kaartjes staat niet alleen de activiteit, maar ook hoe deze het beste aangepakt kan worden. Als er bijvoorbeeld gevraagd wordt wie er zin heeft om een spelletje te doen, dan zullen er weinig positieve reacties komen. Maar als het spelletje op tafel gezet wordt en er begonnen wordt, dan doen de bewoners wel mee.”

Geluksdoosjes
Tijdens de familieavond eind februari heeft Karin een presentatie gehouden. Ze heeft families inzicht gegeven in wat zij kunnen doen om het welzijn van de bewoners te vergroten. Karin vertelt: “Het is belangrijk dat familie zich welkom voelt om mee te helpen. Familieparticipatie is heel belangrijk. Maar hoe ga je precies om met families? Ook daarin coach ik collega’s. Thuis ondernamen familieleden ook activiteiten met de bewoner. Dat kunnen ze in het verpleeghuis ook doen. Tijdens de familieavond heb ik gevraagd om de geluksdoosjes te vullen. De helft van de doosjes is niet gevuld. Door er persoonlijke items in te stoppen voorzien van een toelichtingsbriefje, kunnen collega’s het gesprek aangaan met een verveelde bewoner. Want persoonlijk contact is zo belangrijk voor het welzijn van de bewoner.”

In het verschiet
Voor de komende periode heeft Karin allerlei plannen. Zo staan er themamiddagen op het programma voor bewoners op een afdeling: “Denk bijvoorbeeld aan een Indonesische middag, omdat er een bewoner met een Indonesische achtergrond op de afdeling woont. Van drie uur tot half vijf wordt er dan een Indonesische film gedraaid of foto’s getoond en zijn er Indonesische hapjes en drankjes. Het thema van andere middagen kan een vakantieland zijn of muziek.” Karin wil over één jaar bereikt hebben dat collega’s zich bewust zijn wat bewoners nodig hebben. Dat ze zien hoe belangrijk kleine aandachtsmomenten zoals oogcontact of persoonlijk contact zijn voor het welzijn van de bewoners. Veranderingsprocessen kosten veel tijd, maar ik zie nu al heel veel leuke, kleine stapjes. Als bewoners tevreden zijn, dan is het goed. En collega’s komen ook steeds meer met ideeën om het welzijn van de bewoners te vergroten.”